De vooruitzichten voor de foodsector laten zien dat ondernemers opnieuw met stevige tegenwind te maken krijgen. Volgens ABN AMRO zorgt voedselinflatie voor stagnatie in de foodsector. Waar de voedingsmiddelenindustrie in 2025 nog volumegroei liet zien, wordt voor 2026 rekening gehouden met een stabieler beeld. Tegelijk blijven kosten voor grondstoffen, energie, personeel, transport en verpakkingen voelbaar.
Door Frans van Rooij
Ook voor de horeca komen steeds meer ontwikkelingen samen. Consumenten letten scherper op prijs, ondernemers hebben te maken met stijgende kosten en de ruimte om alles volledig door te berekenen is beperkt. Mogelijk heeft de frituurbranche daar in sommige gevallen minder last van dan andere horecavormen, omdat cafetaria’s en snackbars voor veel gasten nog altijd laagdrempelig en betaalbaar blijven. Maar dat betekent niet dat de branche achterover kan leunen.

De P’s opnieuw bekijken
Juist in deze tijd is het belangrijk dat ondernemers kritisch naar hun eigen bedrijf blijven kijken. De bekende P’s uit de marketingmix kunnen daarbij helpen. Denk aan product, prijs, plaats, promotie en personeel. Wat verkoop je precies? Past je assortiment nog bij de gast van vandaag? Klopt je prijsopbouw nog? Is je zichtbaarheid op orde? En hoe zorg je ervoor dat medewerkers bijdragen aan kwaliteit, snelheid en gastvrijheid?
Daar mogen inmiddels extra P’s aan worden toegevoegd. De P van Power bijvoorbeeld: energie is een structureel onderdeel geworden van ondernemerschap. Wie kan verduurzamen, slimmer kan omgaan met energieverbruik of stappen kan zetten richting gasloos werken, bouwt aan meer grip op de toekomst.
Ook de P van ProFri speelt daarin een rol. Als vakvereniging brengt ProFri kennis, collectieve voordelen, belangenbehartiging en brancheverbinding samen. In een periode waarin ondernemers steeds vaker individueel worden geconfronteerd met regels, kosten en maatschappelijke discussies, wordt een sterke vereniging belangrijker.
En dan is er nog de P van Politiek
Misschien is er nog een P die op dit moment minstens zo belangrijk is: de P van Politiek.
Want naast economische druk ontstaat er ook politieke druk. In verschillende gemeenten worden plannen besproken om snackbars en andere fastfoodrestaurants te weren uit nieuwe wijken of bepaalde gebieden. Daarbij worden gezondheid en leefomgeving vaak als argument gebruikt. Gezondheid is belangrijk, daar bestaat geen misverstand over. Maar beleid moet wel zorgvuldig, eerlijk en goed onderbouwd zijn.
ProFri heeft in haar manifest al uitgebreid duidelijk gemaakt dat snackbars, cafetaria’s en frituurzaken niet zomaar als oorzaak van gezondheidsproblemen kunnen worden aangewezen. Het gaat om eetpatronen, balans, variatie, beweging en leefstijl. Het op voorhand uitsluiten van een complete ondernemerscategorie is te kort door de bocht.
Bovendien is vaak onduidelijk wat gemeenten precies bedoelen met fastfood. Gaat het om Amerikaanse ketens? Om cafetaria’s? Om lunchrooms, dönerzaken, broodjeszaken, ijssalons of foodtrucks? En op basis van welke objectieve gegevens wordt bepaald dat juist deze bedrijven niet welkom zijn?
Lokale willekeur raakt ondernemers direct
De discussie in Haarlem laat zien hoe kwetsbaar ondernemers worden als gemeenten eigen definities gaan gebruiken en hele categorieën bedrijven bij voorbaat uitsluiten. De plannen voor een fastfoodverbod in de nieuwe wijk Hart voor Oostpoort lijken inmiddels onder druk te staan. Tegelijk richten initiatiefnemers zich nu nadrukkelijker op landelijke wet- en regelgeving.
Daarmee is het onderwerp dus niet van tafel. Integendeel. De discussie verschuift van lokaal naar landelijk niveau.
Voor frituurondernemers is dat belangrijk. Wie investeert in een nieuwe zaak, uitbreiding, verduurzaming of formuleontwikkeling, moet kunnen rekenen op een redelijk voorspelbaar speelveld. Als gemeenten of landelijke politiek zonder heldere definities en zonder stevige onderbouwing sectoren kunnen weren, worden investeringen onnodig risicovol.
Dat raakt niet alleen individuele ondernemers, maar ook formulehuizen, leveranciers, vastgoedpartijen en andere bedrijven die in deze branche investeren.
Branche moet zichtbaar en weerbaar zijn
ProFri vindt dat gezondheid, leefbaarheid en ondernemerschap niet tegenover elkaar moeten worden gezet. Een professionele cafetaria of snackbar kan juist een waardevolle voorziening zijn in een wijk. Vaak is het een ontmoetingsplek, werkgever, leerplek voor jongeren en onderdeel van het lokale voorzieningenniveau.
Dat vraagt wel om vakmanschap en verantwoordelijkheid vanuit de branche zelf. Ondernemers moeten blijven werken aan kwaliteit, voedselveiligheid, transparantie, gastvrijheid en een evenwichtig aanbod. Maar daar hoort ook bij dat de branche zich niet laat wegzetten op basis van beeldvorming, politieke framing of simplistische conclusies.
Daarom staat dit onderwerp ook op de agenda van de Algemene Ledenvergadering van ProFri. Niet als losse politieke discussie, maar als strategisch thema voor de toekomst van de branche.
De komende jaren zullen ondernemers niet alleen moeten sturen op marge, assortiment, personeel en energie. Zij zullen ook moeten begrijpen dat politiek beleid direct invloed kan hebben op de waarde, uitbreidingsmogelijkheden en toekomstbestendigheid van hun bedrijf.
De P van Politiek hoort daarom nadrukkelijk thuis in het rijtje. En juist daar ligt een belangrijke opdracht voor ProFri: de branche vertegenwoordigen, feiten op tafel leggen en samen met leden en partners een vuist maken tegen willekeur.
Foto: Het Torentje in politiek Den Haag
ProFri is als vakvereniging aangesloten bij ONL voor Ondernemers. Via deze samenwerking kunnen wij signalen uit de frituurbranche ook onder de aandacht brengen op plekken waar beleid wordt gemaakt. Daarom vragen wij onze leden om mee te doen aan de nieuwste vragenlijst van de Kleinbedrijf Index, kortweg KB-Index.

De 21ste editie van de KB-Index heeft als thema: het beperken van de fiscale aftrekmogelijkheden voor ondernemers. Dat is een onderwerp dat ook voor veel cafetaria’s, snackbars en andere frituurbedrijven relevant kan zijn. Fiscale regels hebben direct invloed op investeringsruimte, ondernemerschap en de financiële positie van kleine bedrijven.
Kleinbedrijf verdient een duidelijke stem
De KB-Index is een initiatief van ONL, Hogeschool Utrecht en Qredits. Het onderzoek wordt meerdere keren per jaar uitgevoerd onder ondernemers in het kleinbedrijf. De uitkomsten worden gebruikt om trends, knelpunten en kansen zichtbaar te maken en onder de aandacht te brengen bij beleidsmakers en politici in Den Haag.
Voor ProFri is het belangrijk dat ook frituurondernemers hierin worden gehoord. Het kleinbedrijf levert een grote bijdrage aan de economie, maar wordt in beleid en onderzoek nog te vaak onvoldoende zichtbaar. Juist ondernemers met een klein team, of bedrijven met vijf of minder medewerkers, verdienen een duidelijke plek in dit soort onderzoeken.
Invullen kost slechts enkele minuten
De vragenlijst is kort en het invullen kost slechts enkele minuten. De resultaten worden gebruikt om ondernemersbelangen beter onder de aandacht te brengen en bij te dragen aan een sterker ondernemersklimaat.
Volgens de toelichting voldoet de vragenlijst aan de AVG-richtlijnen. Zonder toestemming worden geen namen, adressen, telefoonnummers, IP-adressen of e-mailadressen gebruikt.
Leden kunnen de vragenlijst invullen tot en met 30 juni 2026.
Mede namens ONL, Hogeschool Utrecht en Qredits: hartelijk dank voor jouw bijdrage.
Als professionele frituurder weet je hoe belangrijk de kwaliteit van je frituurolie is. Goed frituurvet zorgt niet alleen voor een constante smaak, mooie kleur en krokante bite, maar is ook een belangrijk onderdeel van voedselveilig werken.
Het beheersen van frituurolie hoort daarom bij de dagelijkse praktijk in iedere professionele bakwand. Maar waar moet je precies op letten? Wat kan de NVWA tijdens een reguliere inspectie vragen? En hoe zorg je ervoor dat jouw zaak dit efficiënt, veilig en aantoonbaar op orde heeft?

Foto: frietketels in bakwand van Robby's Snacks in Raalte
ProFri partner in beeld
De basis: wettelijke norm en praktische controle
In Nederland gelden duidelijke eisen voor frituurolie en frituurvet dat wordt gebruikt voor het bakken of frituren van eetwaren. De wettelijke norm bepaalt onder meer dat het gehalte aan dimere en polymere triglyceriden niet hoger mag zijn dan 16%.
In de dagelijkse praktijk werken veel frituurders met een digitale TPM-meter. TPM staat voor Total Polar Materials: afbraakstoffen die ontstaan wanneer olie of vet herhaaldelijk wordt verhit en intensief wordt gebruikt.
Hoewel de wettelijke norm technisch anders is geformuleerd, is TPM voor ondernemers een praktische manier om de kwaliteit van frituurolie dagelijks te bewaken. Komt de TPM-waarde in de buurt van de kritieke zone, dan is actie nodig: filteren, deels verversen of volledig vervangen, afhankelijk van de situatie. Bij een waarde rond of boven 24% TPM is het verstandig het vet niet meer te gebruiken en direct te vervangen.
Een NVWA-inspecteur kan tijdens een reguliere, onaangekondigde controle vragen hoe je aantoont dat jouw frituurvet binnen veilige en verantwoorde marges blijft. Een duidelijke werkwijze, regelmatige metingen en goede registratie helpen daarbij.
Regelmatig filteren is de sleutel
Om te voorkomen dat frituurolie onnodig snel achteruitgaat, is consequent filteren essentieel. Tijdens het frituren blijven paneermeel, kruimels, bloem, zetmeel en snackresten achter in de bak. Deze resten verbranden bij hoge temperatuur en vormen koolstofdeeltjes. Daardoor vervuilt het vet sneller, wordt de olie donkerder en neemt de kwaliteit sneller af.
Door frituurolie regelmatig te filteren en de frituurbakken schoon te houden, vertraag je dit proces aanzienlijk. Dat zorgt voor een constantere productkwaliteit, minder geur- en smaakafwijkingen en een langere levensduur van de olie.
Belangrijk daarbij is wel: filteren verwijdert vervuiling en productresten, maar herstelt chemisch verouderd vet niet volledig. Wanneer de olie te ver is afgebroken, moet deze worden vervangen. Goed vetbeheer bestaat dus uit meten, filteren, reinigen en tijdig verversen.
Professioneel ondersteund door ProFri-partner FiltaFry
Het dagelijks controleren, filteren en grondig reinigen van hete frituurbakken kost tijd en brengt risico's met zich mee voor personeel. Denk aan werken met heet vet, zware bakken, gladde vloeren en moeilijk bereikbare delen van de bakwand.
Gelukkig sta je er als ProFri-lid niet alleen voor. FiltaFry is officieel verenigingspartner van ProFri en biedt een professionele mobiele service waarmee frituurders grip houden op hun vetbeheer.
FiltaFry ondersteunt ondernemers met:
Microfiltering op locatie
Met professionele mobiele filtermachines wordt de olie op locatie en op hoge temperatuur gefilterd. Daarbij worden fijne vervuiling, productresten en koolstofdeeltjes uit de olie verwijderd. Hierdoor blijft de olie schoner en kan de levensduur aanzienlijk worden verlengd, afhankelijk van gebruik, productbelasting en dagelijkse discipline.
Grondige dieptereiniging van de frituurbak
Terwijl de olie wordt gefilterd, reinigen de specialisten van FiltaFry de frituurbak, elementen, manden en moeilijk bereikbare delen van de bakwand. Vastgekoekte resten en verbrande aanslag worden verwijderd, zodat schone olie niet direct opnieuw wordt vervuild door achtergebleven resten in de bak.
Professionele registratie voor HACCP
Na iedere servicebeurt worden de werkzaamheden en de gemeten waarden geregistreerd. Deze documentatie helpt om aantoonbaar te maken dat het vetbeheer professioneel wordt bewaakt. Bij een controle kun je laten zien dat er structureel aandacht is voor de kwaliteit van het frituurvet en de hygiëne van de bakwand.
Door specialistische werkzaamheden zoals microfiltering en dieptereiniging uit te besteden, laat je als ondernemer zien dat je actief werkt aan voedselveiligheid, kwaliteit en continuïteit.
Praktische tips voor de werkvloer
Ook wanneer een externe servicepartij periodiek langskomt, blijft de dagelijkse discipline op de werkvloer belangrijk. De kwaliteit van frituurolie wordt namelijk iedere dag beïnvloed door temperatuur, productbelasting, gebruiksintensiteit en schoonmaakroutine.
Gebruik daarom deze drie praktische vuistregels in de keuken:
1. De schuimspaan-regel
Spreek met het team af dat na drukke momenten met een grove schuimspaan de grootste productresten uit de bak worden verwijderd. Hoe minder kruimels en snackresten achterblijven, hoe minder snel het vet vervuilt.
2. Werk met een duidelijk stoplichtsysteem
Train medewerkers in het gebruik van de digitale TPM-meter. Als interne richtlijn kun je bijvoorbeeld werken met groen, oranje en rood. Groen betekent: de olie is goed bruikbaar. Oranje betekent: extra alert zijn, filteren of deels verversen. Rood betekent: niet verder bakken en het vet vervangen. Zo begrijpt iedereen op de werkvloer direct wanneer actie nodig is.
3. Koppel meten aan registreren
Hang een eenvoudige registratielijst bij de bakwand. Noteer per meting de datum, de TPM-waarde en de initialen van de medewerker. Een meting heeft pas waarde als deze ook wordt vastgelegd. Zo bouw je een duidelijke routine op en kun je bij controle laten zien dat het vetbeheer serieus wordt opgevolgd.
Constante kwaliteit, minder verspilling en meer grip
Goed frituurvetbeheer draait om meer dan alleen voldoen aan regels. Het heeft direct invloed op smaak, productkwaliteit, uitstraling, kosten en veiligheid. Schone olie bakt mooier, geeft een constanter eindproduct en helpt onnodige verspilling voorkomen.
Met de juiste discipline op de werkvloer en de professionele ondersteuning van FiltaFry help je de frituurkwaliteit constant hoog te houden. Zo houd je als ondernemer grip op de bakwand, het oliegebruik en de HACCP-registratie.
Uiteindelijk draait het daar natuurlijk om: Goed gefrituurd, da's lekker genieten!
Als lid van ProFri profiteer je van extra voordeel bij veel van onze partners.
Wil je weten wat FiltaFry specifiek voor jouw cafetaria kan betekenen? Klik dan op onderstaande button voor meer informatie.
Frituurwereld heeft haar vernieuwde website gelanceerd en gaat daarmee een nieuwe fase in. Voor ProFri is dat een goed moment om nog eens uit te leggen hoe de verhoudingen sinds de overname liggen. Frituurwereld is niet meer van het Nederlands Frituurcentrum en ook niet van ProFri, maar blijft wel de vaste mediapartner van de vereniging.

Frituurwereld is sinds oktober vorig jaar geen onderdeel meer van het Nederlands Frituurcentrum. Het vakplatform is overgenomen en gaat zelfstandig verder.
Omdat Frituurwereld, ProFri en het Nederlands Frituurcentrum jarenlang nauw met elkaar verbonden zijn geweest, ontstond soms de indruk dat Frituurwereld bij ProFri hoorde. Dat was niet het geval. Frituurwereld is een zelfstandig platform en dat blijft ook zo.
Frituurwereld was één van de initiatieven die door Frans van Rooij in de loop der jaren zijn ontwikkeld om de frituurbranche beter zichtbaar te maken, kennis te delen en de beeldvorming rond professionele frituurbedrijven te versterken.
Met de overname is daar een nieuwe fase voor aangebroken. Voor Frans van Rooij, initiatiefnemer van Frituurwereld, betekent dit ook een persoonlijk afscheid van een platform dat jarenlang met veel betrokkenheid is opgebouwd. Helemaal los van Frituurwereld is hij overigens nog niet: tot het najaar van 2028 blijft hij als columnist aan het vakplatform verbonden.
ProFri communiceert via eigen kanalen
In aanloop naar de overname heeft het bestuur van ProFri besloten de communicatie van de vereniging sterker via eigen kanalen te organiseren. ProFri publiceert sindsdien berichten en artikelen op haar eigen website en verstuurt een eigen tweewekelijkse nieuwsbrief.
Die nieuwsbrief van ProFri richt zich breder op de frituurbranche en aanverwante bedrijven. Daarnaast blijven er uiteraard ook gerichte mailingen bestaan die uitsluitend bestemd zijn voor leden en/of partners van ProFri.
De nieuwe website van ProFri wordt naar verwachting na de zomer gelanceerd. Daarmee krijgt de vereniging een duidelijker eigen podium voor belangenbehartiging, ledeninformatie, partnernieuws, praktische kennisdeling en dossiers die direct raken aan de positie van professionele frituurondernemers.
Frituurwereld blijft vaste mediapartner
De verzelfstandiging betekent niet dat de band tussen ProFri en Frituurwereld is verdwenen. Frituurwereld blijft de vaste mediapartner van ProFri.
Waar dat logisch en passend is, blijven ProFri en Frituurwereld elkaar versterken in communicatie, zichtbaarheid en kennisdeling. Daarbij blijven de beurzen zoveel mogelijk gesloten. ProFri krijgt via Frituurwereld toegang tot een breed vakpubliek, terwijl Frituurwereld verbonden blijft met de praktijk, dossiers en ontwikkelingen binnen de professionele frituurbranche.
Zo ontstaat een nieuwe verhouding: zelfstandig waar het moet, verbonden waar het kan.
Vernieuwde website Frituurwereld
Tegelijkertijd verdient ook de nieuwe stap van Frituurwereld aandacht. Het platform heeft een vernieuwde website gelanceerd en presenteert zich nadrukkelijk als vakplatform voor professionals in de frituur- en fastservicesector.
Op de vernieuwde website is ruimte voor nieuws, achtergrondartikelen, trends, praktische tips en inspiratie voor ondernemers, medewerkers en leveranciers. Ook kiest Frituurwereld voor een meer thematische aanpak. Elke maand staan actuele onderwerpen centraal die relevant zijn voor de dagelijkse bedrijfsvoering van frituur- en fastservicebedrijven.
Naast de website blijft ook de nieuwsbrief van Frituurwereld een belangrijk middel om professionals in de branche te bereiken. Daarnaast verschijnt later dit jaar opnieuw een Frituurwereld-krant in print, waarmee online en offline elkaar blijven versterken.
AI als nieuwe stap in informatievoorziening
Bijzonder aan de vernieuwde aanpak is dat Frituurwereld ook gebruikmaakt van nieuwe digitale mogelijkheden. Daarbij wordt onder meer AI ingezet om actief op internet te zoeken naar nieuws, ontwikkelingen en wetenswaardigheden die relevant kunnen zijn voor de frituur- en fastservicebranche. Op basis daarvan kunnen automatisch artikelen worden gegenereerd. De eerste voorbeelden daarvan zijn inmiddels op het platform te lezen.
Voor de branche is dat een interessante ontwikkeling. AI kan helpen om sneller signalen op te pikken, onderwerpen te volgen en informatie toegankelijk te maken. Zeker in een sector waarin ondernemers vaak weinig tijd hebben om zelf alle ontwikkelingen bij te houden, kan dat toegevoegde waarde bieden.
Tegelijk blijft zorgvuldigheid belangrijk. Vakinformatie moet betrouwbaar, controleerbaar en praktisch bruikbaar zijn. Broncontrole, redactionele duiding en kennis van de dagelijkse praktijk blijven daarom onmisbaar. Juist de combinatie van technologie en vakinhoudelijke beoordeling zal bepalen hoe waardevol deze nieuwe vorm van informatievoorziening voor ondernemers wordt.
Ieder een eigen rol
ProFri en Frituurwereld hebben ieder een eigen rol. ProFri is de vakvereniging die de belangen van professionele frituurders behartigt, leden ondersteunt en namens de branche het gesprek voert met overheden, organisaties en andere partijen.
Frituurwereld gaat verder als zelfstandig vakplatform dat de sector informeert, inspireert en volgt. Als vaste mediapartner van ProFri blijft het platform daarnaast een belangrijke rol spelen in de zichtbaarheid van de branche.
Beide partijen kunnen daarmee op hun eigen manier bijdragen aan een sterkere, professionelere en beter zichtbare frituurbranche.
ProFri wenst Frituurwereld veel succes met de vernieuwde website en de verdere ontwikkeling van het platform.
Foto: Frituurwereld BV
ProFri staat aan de vooravond van een nieuwe groeifase. Door de strategische samenwerking met VHC krijgt een grote groep frituurondernemers de mogelijkheid om via hun groothandel aan te sluiten bij ProFri. Daarmee kan de vereniging de komende periode groeien met circa 300 nieuwe leden.

Die groei is goed nieuws voor de branche. Tegelijk vraagt een grotere vereniging ook om een sterk bestuur. Daarom wil het bestuur de vacature die sinds vorig jaar openstaat nu alsnog invullen. Daarnaast zoekt het huidige bestuur een krachtige collega met bestuurlijke ervaring die de rol van voorzitter op zich wil nemen.
Besturen vanuit de praktijk
ProFri is de vereniging van en voor professionele frituurders. Juist daarom vindt het bestuur het belangrijk dat leden uit de praktijk betrokken zijn bij de koers van de vereniging. Ondernemers die dagelijks ervaren wat er speelt in de cafetaria, snackbar of frituurzaak, kunnen als geen ander meepraten over de onderwerpen die voor de branche belangrijk zijn.
Sinds maart is de dagelijkse leiding van ProFri in handen van directeur Sven Flapper. Hij werkt samen met het bestuur aan de verdere ontwikkeling van de vereniging, ledenwerving, belangenbehartiging en de verbinding met partners. Maar er zijn ook momenten waarop nadrukkelijk de aanwezigheid van een voorzitter wordt verwacht. Bijvoorbeeld bij interviews met de media, gesprekken met beleidsmakers of afspraken in politiek Den Haag.
Een voorzitter die zelf uit de praktijk komt, kan dan met gezag en herkenbaarheid spreken namens de aangesloten frituurondernemers.
Eigen branchevereniging bewezen waardevol
Met de samenwerking onderstreept VHC het belang van een eigen branchevereniging voor frituurondernemers. Door voor klanten met een frituurzaak het basislidmaatschap van ProFri te vergoeden, draagt VHC actief bij aan een sterkere en beter georganiseerde sector. Daarmee wordt erkend dat een eigen branchevereniging van grote waarde is voor de verdere professionalisering en toekomstbestendigheid van de frituurbranche.
Voor ProFri betekent dit een belangrijke stap vooruit. Meer leden zorgen voor meer draagvlak, meer slagkracht en een steviger positie in gesprekken met overheid, politiek, media en andere partijen.
Oproep aan leden
Het huidige bestuur en de directie roepen leden op om na te denken over een mogelijke bestuursrol. Heb je bestuurlijke ervaring, voel je je betrokken bij de toekomst van de frituurbranche en wil je meehelpen om ProFri verder te versterken? Dan komen we graag met je in contact.
Ook leden die eerst vrijblijvend willen verkennen wat een bestuursfunctie inhoudt, kunnen reageren.
Lijkt het bestuur van ProFri iets voor jou? Neem dan contact op met het secretariaat van ProFri. Sven Flapper neemt daarna graag contact met je op voor een verkennend gesprek.
Afbeelding gegenereerd met ChatGPT