);

De nieuwste cijfers van het CBS laten zien dat de horeca in het vierde kwartaal van 2025 opnieuw groeide, maar in een duidelijk lager tempo dan eerder in het jaar. De totale horecaomzet lag 3,2% hoger dan een jaar eerder. Binnen die cijfers deden eet- en drinkgelegenheden het beter (+4,2%) dan logies (+0,5%).

Door Frans van Rooij* 

Voor cafetaria’s, snackbars en andere frituurspeciaalzaken is vooral dit relevant: binnen eet- en drinkgelegenheden groeiden fastfoodrestaurants in Q4 met +4,7% (restaurants +3,7%; cafés +2,6%; kantines/catering +6,2%). Over heel 2025 kwam de horeca uit op +3,9% omzetgroei (eet- en drinkgelegenheden +4,8%).

Groeitempo neemt af
De kwartaalreeks laat zien dat de groei afvlakt: Q2 2025 +5,5%, Q3 +3,3%, Q4 +3,2%. Dat past bij wat veel ondernemers in de praktijk merken: de markt is minder “meegaand” en de consument wordt kieskeuriger in waar hij zijn euro’s uitgeeft.

Belangrijke nuance: CBS-categorieën maken vergelijken lastig
De interpretatie van CBS-cijfers is in de horeca altijd al een uitdaging geweest. Zeker bij fastservice, omdat die categorie heel breed is. Daar vallen onder meer quickservice restaurants, lunchrooms, cafetaria’s, snackbars en ijssalons onder. Samen gaat het om meer dan de helft van de horecabedrijven.

Tegelijk zien we dat veel van deze bedrijven bij het CBS nog steeds staan ingedeeld als ‘restaurant’. Daardoor lopen categorieën door elkaar en wordt het vergelijken minder zuiver. Je kunt dus niet automatisch concluderen dat een ontwikkeling in “fastfood” één-op-één geldt voor cafetaria’s of snackbars.

Gebruik CBS daarom als trendmeter, niet als eindconclusie. Het geeft richting en context, maar het blijft een gemiddelde over een brede en deels gemengde groep.

Gemiddelden maskeren steeds grotere verschillen
Precies daarom is nuance nodig: de verschillen tussen individuele bedrijven lijken groter te worden. De één groeit door, de ander verliest zichtbaar volume — soms zelfs in dezelfde straat. Dat heeft niet alleen met locatie te maken, maar steeds vaker met keuzes in propositie en uitvoering, bijvoorbeeld:

  • Koopkracht en prijsbewust gedrag
    “Jan Modaal” en alles daaronder wordt selectiever. Een bezoek aan de horeca is minder routine en vaker een rekensom: krijg ik hier nog waar voor mijn geld?
  • Waardeperceptie
    Hogere prijzen kunnen, maar alleen als de gast ook meer waarde ervaart: kwaliteit, portie, snelheid, service en beleving. Als dat niet meegroeit, schuift de euro naar een alternatief.
  • Bezorging versus beleving in de zaak
    In veel frituurzaken is de operatie sterk op bezorging ingericht. Dat kan efficiënt zijn, maar het risico is dat het minder aantrekkelijk wordt om te blijven eten: meer wachtdruk, minder rust, minder gastcontact en een minder gezellige omgeving.
  • Gestegen menuprijzen
    Menuprijzen zijn de laatste jaren stevig opgelopen. Dat maakt consumenten kritischer en kan hen doen besluiten om elders te eten of vaker thuis te eten.

Prijzen: verschillen in inflatie binnen ‘uit eten’
Ook in de Consumentenprijsindex (CBS-inflatiecijfer) zie je dat prijsontwikkelingen binnen “uit eten” uiteen kunnen lopen per subcategorie. Dat is relevant, omdat niet elk type bedrijf dezelfde ruimte heeft om kostenstijgingen door te berekenen. Waar doorberekenen lastig is, voelt margedruk sneller.

Vergelijken is goed – maar kijk vooral naar je eigen bedrijf
Vergelijken helpt om de beweging in de markt te snappen. Maar uiteindelijk is de belangrijkste vraag: wat gebeurt er bij jou?

Omzet kan stijgen door prijs, terwijl je transacties dalen. En juist daar zit vaak de echte volumedruk. Daarom: kijk structureel naar je eigen cijfers en stuur op je eigen knoppen.

Een definitie die daarbij helpt om scherp te blijven:
“Een klant is iemand die voor jouw product of dienst nog geen alternatief heeft gevonden.”
Dat is confronterend, maar praktisch. Het dwingt je om te denken in onderscheid: Waarom kiest de gast vandaag voor mij en wat maakt mij moeilijk te vervangen?

Vijf knoppen om te groeien en toekomstbestendig te worden

  1. Maak ‘waarde voor geld’ zichtbaar
    Niet alleen goede kwaliteit, maar ook: portieconsistentie, heldere keuzes en een propositie die de gast snapt in één oogopslag.
  2. Maak van ‘blijven eten’ weer een bewuste keuze
    Als bezorging dominant is: organiseer je voorkant opnieuw. Denk aan wachtrijregie, opruimritme, zitcomfort, presentatie en gastcontact.
  3. Menu-engineering: minder ruis, meer focus
    Stuur op kernproducten, schrap items die niet lopen, en maak je prijsopbouw logisch en uitlegbaar.
  4. Bezorging in balans
    Bezorging kan volume brengen, maar kan ook je zaakervaring onder druk zetten. Werk met tijdvakken, maximale orderdruk en (waar mogelijk) een aparte workflow.
  5. Meet je eigen volume, niet alleen je omzet
    Houd transacties, gemiddelde bon, piekmomenten en herhaalbezoek strak bij. Zo zie je sneller wat echt groeit en wat alleen “duurder” wordt.

ProFri blijft trends volgen en vertalen
ProFri blijft CBS-cijfers en andere betrouwbare rapportages volgen en vertaalt trends naar wat dit betekent voor cafetaria’s, snackbars en frituurspeciaalzaken. Maar de kern blijft: de toekomst van jouw bedrijf zit niet in het marktgemiddelde, maar in jouw onderscheid en uitvoering.

 

* Frans van Rooij was initiatiefnemer en jarenlang het gezicht van ProFri. Hij schrijft op persoonlijke titel over ontwikkelingen in de frituurbranche.