De dalende aardappelprijzen krijgen momenteel volop aandacht in de media. ProFri wordt de afgelopen weken vanuit diverse media bijna dagelijks bevraagd over deze ontwikkeling. Niet alleen in Nederland, maar ook in België wordt dezelfde vraag gesteld: als er sprake is van een overaanbod en de aardappelprijs fors daalt, waarom wordt een portie friet dan niet goedkoper?

Voor ProFri is het antwoord duidelijk. De prijs van ruwe aardappelen is maar een klein onderdeel van de uiteindelijke verkoopprijs van friet in de cafetaria. Tussen aardappel en puntzak zitten immers nog allerlei andere kosten, zoals verwerking, opslag, transport, energie, frituurvet, verpakking, personeel en huisvesting.

ProFri Friet met frikandel

Niet één grondstof bepaalt de verkoopprijs
Dat maakt ook duidelijk waarom een dalende aardappelprijs niet automatisch zichtbaar wordt op de prijslijst. De verkoopprijs van friet wordt niet bepaald door één grondstof, maar door de totale kosten in de hele keten. Ook aardappelverwerkers hebben bovendien te maken met hogere kosten voor productie, logistiek en energie.

Zelfde discussie in België
Opvallend is dat bij onze zuiderburen exact dezelfde discussie speelt. Ook daar leggen vertegenwoordigers van de branche uit dat lage aardappelprijzen op de vrije markt nauwelijks invloed hebben op de prijs van een pak friet in de frituur. Dat is niet vreemd, want Nederland en België behoren allebei tot de grootste aardappelverwerkende landen van Europa. Het ene jaar is België de grootste, het andere jaar Nederland.

Geen directe invloed op de prijs van friet
De conclusie is daarom eenvoudig. Al zakt de prijs van het overaanbod nog verder onder nul, dan nog zal dat geen directe invloed hebben op de prijs van een puntzak, portie friet of pak friet. Niet de aardappel op zichzelf, maar de optelsom van alle kosten in de keten bepaalt de uiteindelijke verkoopprijs.

Foto: Vereniging Professionele Frituurders