McCain ziet af van de bouw van een nieuwe frietfabriek in Duitsland. Niet omdat er wereldwijd ineens minder friet wordt gegeten. De internationale frietmarkt verandert vooral van structuur. Juist in groeimarkten worden steeds meer aardappelen geteeld en nieuwe fabrieken gebouwd. Dat zet de bestaande Europese productiecapaciteit onder druk. Achter het besluit van McCain gaat daarmee een interessant economisch verhaal schuil over investeringen, capaciteit en uiteindelijk de prijs van diepvriesfriet.

McCain Foods Holland

Foto:McCain Foods Holland - productielocatie bij het Zeeuwse dorp Rilland, geopend in 2023

McCain wilde in Mehrum, ten oosten van Hannover, tot ongeveer 1 miljard euro investeren in een nieuwe productielocatie. Het concern zet het project niet door en wijst onder andere op sterk gestegen projectkosten, overcapaciteit en veranderende afzetmarkten.

De wereld eet niet ineens minder friet

Dat laatste is belangrijk. De wereldwijde frietconsumptie hoeft helemaal niet af te nemen om Europese fabrieken toch met minder groeiperspectief te confronteren.

In landen waar de vraag naar friet sterk groeit, wordt namelijk ook fors geïnvesteerd in lokale aardappelteelt en verwerking. Daardoor hoeft die extra friet steeds minder vanuit West-Europa te komen.

Aviko is daarvan een goed Nederlands voorbeeld. De aardappelverwerker investeert al jaren in China en breidde in 2025 de capaciteit van zijn fabriek in Xilinhot opnieuw fors uit. Daarmee wordt de groeiende Chinese en Aziatische markt steeds meer vanuit de regio zelf bediend.

Wat voorheen een interessante exportmarkt voor Europese fabrieken was, krijgt dus steeds meer eigen productiecapaciteit.

Een fabriek moet worden terugverdiend

Tegelijkertijd kosten moderne frietfabrieken enorme bedragen. Zo'n investering wordt alleen gedaan wanneer gedurende vele jaren voldoende product tegen een voldoende prijs kan worden verkocht.

De Belegger maakt dit inzichtelijk met een rekenvoorbeeld. Bij een investering van 1 miljard euro, een periode van twintig jaar en een rendementseis van 8 procent is jaarlijks ruim 100 miljoen euro aan kasstroom nodig om zo'n investering economisch te rechtvaardigen.

Dat is geen cijfer uit de boekhouding van McCain, maar maakt wel duidelijk hoe groot de financiële belangen zijn.

De fabriek zit ook in de frietprijs

Wie een doos diepvriesfriet koopt, betaalt daarom niet alleen voor aardappelen, olie, energie en arbeid. Ook gebouwen, machines, onderhoud, financiering, opslag, logistiek en geïnvesteerd kapitaal maken onderdeel uit van de economische kostprijs.

Daarbij is bezettingsgraad cruciaal. Hoe voller een fabriek draait, hoe beter de vaste kosten over alle geproduceerde kilo's kunnen worden verdeeld. Ontstaat overcapaciteit, dan wordt een nieuwe miljardeninvestering moeilijker terug te verdienen.

Meer dan alleen de aardappelprijs

Dat verklaart ook waarom goedkope aardappelen niet automatisch leiden tot een evenredig lagere prijs van diepvriesfriet. De aardappel is slechts één onderdeel van de totale kostprijs.

Het besluit van McCain geeft zo een bijzonder kijkje in de keuken van de internationale frietindustrie. Niet alleen de consumptie verandert, vooral de plaats waar aardappelen worden geteeld, friet wordt geproduceerd en miljarden worden geïnvesteerd verschuift.

Voor de frituurondernemer maakt dat duidelijk waarom de vraag ‘wat kost de aardappel?’ maar een deel van het antwoord geeft op de vraag waarom een doos friet kost wat hij kost.

Auteur: Frans van Rooij

Een koper gevonden, overeenstemming over de prijs en een datum voor de overdracht afgesproken? Dan lijkt het belangrijkste werk gedaan. Toch gaat het bij de verkoop van een horecazaak regelmatig mis op een onderwerp dat minder aandacht krijgt: de lopende contracten.

Zaak verkopen vergeet de contracten niet

Een bedrijf verkopen betekent namelijk niet automatisch dat je van al je verplichtingen af bent.

Welke contracten lopen nog?

Vrijwel iedere frituuronderneming heeft overeenkomsten met leveranciers en dienstverleners. Denk aan:

  • lease- en onderhoudscontracten voor apparatuur;
  • afvalverwerking;
  • energiecontracten;
  • kassasystemen en betaalterminals;
  • koffieapparatuur;
  • beveiliging;
  • telefonie en internet.

Sommige contracten lopen nog jaren door. De gedachte “ik heb mijn zaak verkocht, dus het contract stopt ook” kan daarom een dure misrekening zijn.

Maak vóór de verkoop duidelijke afspraken

Breng voordat je de koop/verkoopovereenkomst tekent alle lopende contracten in kaart. Controleer de looptijd, opzegtermijn, eventuele beëindigingskosten en vooral of een contract kan worden overgenomen door de koper.

Een afspraak tussen koper en verkoper dat een contract wordt overgenomen, is niet altijd voldoende. Vaak moet ook de leverancier daarmee instemmen.

Leg daarom per contract duidelijk vast wat ermee gebeurt en neem tijdig contact op met de betreffende leverancier.

Dat geldt zeker voor langlopende lease-, onderhouds- en energiecontracten. Wanneer een koper zo’n overeenkomst niet wil of kan overnemen, kan de verkoper mogelijk nog steeds aan zijn oorspronkelijke afspraken worden gehouden. Dat kan leiden tot opzegkosten of andere financiële claims.

Let ook op apparatuur

Kijk niet alleen naar de maandelijkse facturen. Apparatuur die in de zaak staat, kan eigendom zijn van een leverancier of leasemaatschappij.

Een koffiemachine, kassasysteem, betaalterminal of ander apparaat kan dus fysiek met de zaak worden overgedragen, terwijl het bijbehorende contract nog gewoon op naam van de verkoper staat.

Ook hierover moeten vooraf duidelijke afspraken worden gemaakt.

ProFri kan soms helpen

Loop je als ProFri-lid bij een bedrijfsoverdracht tegen een probleem aan, neem dan gerust contact op met het secretariaat. Zeker bij leveranciers en partners waarmee ProFri goede contacten onderhoudt, kunnen we soms helpen om partijen met elkaar in gesprek te brengen.

Soms werkt een leverancier uit coulance mee aan vervroegde beëindiging of contractsovername.

Maar coulance is geen recht.

De ondernemer blijft uiteindelijk zelf verantwoordelijk voor de overeenkomsten die hij of zij heeft afgesloten. ProFri kan ondersteunen of bemiddelen, maar kan die contractuele verplichtingen niet overnemen.

Voorkom de gebakken peren

Begin daarom ruim vóór de verkoop met het controleren van alle lopende contracten. Bespreek met de koper wat wordt overgenomen, stem dit af met leveranciers en leg afspraken schriftelijk vast.

Zo voorkom je dat de sleutel al is overgedragen, maar de rekeningen bij jou blijven binnenkomen.

Afbeelding ter illustratie gegenereerd met behulp van ChatGPT

Partner in beeld


ProFri-partner NTF bestaat dit jaar 25 jaar en vierde dat gedurende 2026 met verschillende jubileumacties. Voor het laatste kwartaal keert een actie van eerder dit jaar terug: horecaondernemers kunnen tot en met 31 december profiteren van kortingen tot 25 procent op verschillende NTF-kassapakketten.

ProFri NTF 25 Jaar Horecaoplossingen

Meer dan alleen afrekenen

Een modern kassasysteem vormt bij steeds meer frituurzaken het digitale hart van de onderneming. Het gaat allang niet meer alleen om het aanslaan en afrekenen van een bestelling. Bestellingen vanuit de zaak, webshop of andere bestelkanalen kunnen samenkomen, terwijl gegevens tegelijkertijd beschikbaar zijn voor administratie en managementinformatie.

NTF richt zich al 25 jaar op digitale oplossingen voor de horeca en heeft daarbij een specialisme in fastservice. Het bedrijf brengt onder meer kassasystemen, bestellen, betalen en managementinformatie samen binnen één platform.

Vernieuwen, uitbreiden of starten

Volgens NTF is de jubileumactie interessant voor ondernemers die een nieuwe zaak beginnen, hun bestaande kassasysteem willen vervangen of hun huidige opstelling willen uitbreiden. Welk kassapakket passend is, hangt daarbij af van de onderneming en de manier waarop bestellingen worden opgenomen en verwerkt.

Tijdens de actie geeft NTF tot 25 procent korting op verschillende kassapakketten. De aanbieding loopt van 1 oktober tot en met 31 december 2026 en vormt de afsluiting van het jubileumjaar.

Eerst kijken wat bij je zaak past

Nieuwe techniek aanschaffen alleen omdat er korting op zit, is natuurlijk geen doel op zich. Het belangrijkste is dat een systeem aansluit op de werkwijze van de onderneming en daadwerkelijk bijdraagt aan meer overzicht en een efficiënte bedrijfsvoering.

Ondernemers die willen weten welke mogelijkheden er voor hun zaak zijn, kunnen bij NTF een vrijblijvende demo aanvragen of contact opnemen voor advies. Als partner van ProFri kent NTF de frituur- en fastservicesector en kan het bedrijf meedenken over een oplossing die past bij de dagelijkse praktijk van de ondernemer.

Benieuwd wat NTF voor jouw zaak kan betekenen? Lees meer over deze ProFri-partner en de mogelijkheden op de partnerpagina van NTF.

Afbeelding gegenereerd met behulp van ChatGPT

ProFri is aangesloten bij ONL voor Ondernemers. Op maandag 9 november nodigt ONL ook ondernemers uit onze achterban uit voor de derde editie van de OndernemersPoort in Nieuwspoort in Den Haag. Een mooie gelegenheid om als frituurondernemer rechtstreeks mee te praten over onderwerpen die het ondernemerschap raken. ProFri-directeur Sven Flapper is uiteraard ook aanwezig.

ONL OndernemersPoort 9 november 2026

Centraal tijdens de OndernemersPoort staat de vraag: hoe zorgen we ervoor dat ondernemen weer gaat lonen? Vanaf 15.00 uur komen ondernemers en politiek bij elkaar in Nieuwspoort in Den Haag.

Minister Heleen Herbert van Economische Zaken en Klimaat verzorgt de aftrap. Zij is sinds februari 2026 verantwoordelijk voor onder meer het ondernemingsklimaat, het mkb en de aanpak van regeldruk. Journalist Frits Wester treedt op als moderator.

Onderwerpen die ondernemers direct raken

Tijdens verschillende deelsessies gaan ondernemers en Kamerleden met elkaar in gesprek. Daarbij komen onderwerpen aan bod die ook voor ondernemers in de frituurbranche zeer herkenbaar zijn.

Zo wordt gesproken over regeldruk en de vraag welke regels ondernemers in de dagelijkse praktijk het meest belemmeren. Ook komt het Nederlandse ondernemersklimaat aan bod en wordt gekeken naar de positie van ondernemers in vergelijking met andere landen. Een derde deelsessie gaat over de loondoorbetaling bij ziekte in het tweede jaar.

Juist bij dit soort onderwerpen is het belangrijk dat niet alleen over ondernemers wordt gesproken, maar ook met ondernemers. De praktijkervaringen uit een frituurzaak kunnen daarbij heel anders zijn dan wat op papier bij beleid en regelgeving wordt voorzien.

Laat ook de frituurbranche horen

ProFri werkt samen met ONL om onderwerpen die onze ondernemers raken onder de aandacht van politiek Den Haag te brengen. ONL richt zich daarbij onder meer op lobby richting de politiek en het bespreekbaar maken van knelpunten voor ondernemers.

De OndernemersPoort biedt ProFri-leden de mogelijkheid om daar zelf bij aanwezig te zijn, mee te praten en ervaringen uit hun eigen bedrijf te delen. Sven Flapper is namens ProFri aanwezig.

Na het inhoudelijke programma is er tijdens de borrel bovendien gelegenheid om verder te praten met andere ondernemers en aanwezige politici.

Ook aanwezig zijn?

De OndernemersPoort vindt plaats op maandag 9 november 2026 vanaf 15.00 uur in Nieuwspoort, Bezuidenhoutseweg 67 in Den Haag. Deelname is gratis.

Wil je er namens jouw bedrijf bij zijn? Meld je dan aan via Monique van het secretariaat van ProFri. Zij zorgt ervoor dat jouw aanmelding wordt doorgegeven.

 

Nederland heeft opnieuw laten zien dat het internationaal meetelt als het gaat om het bakken van goede friet. Tijdens het Championnat du Monde de la Frite in het Franse Arras eindigde Gerson Gmelich Meijling van Dapp Frietwinkel als tweede in de categorie Frite du Monde. Jacco Plomp van De Geschilde Aardappel pakte een derde plaats. Bovendien viel ook de door Dapp gebruikte Nederlandse aardappel in de prijzen.

Prijsuitreiking WK frietbakken Arras 2026 Jacco Plomp AI bewerkt

Op zaterdag 26 september kwamen in Arras tientallen deelnemers uit verschillende landen bijeen voor de vierde editie van het WK Friet. Er werd gestreden in zeven categorieën, waarbij niet alleen het eindproduct telt. Ook kennis van de grondstof, bereidingswijze, smaak, structuur en presentatie spelen een rol.

Voor Nederland leverde dat dit jaar opnieuw aansprekende resultaten op.

Van de werkvloer naar het wereldpodium

Gerson Gmelich Meijling van Dapp Frietwinkel eindigde als tweede in de categorie Frite du Monde. Hij verdiende zijn deelname eerder door binnen Dapp een interne frietwedstrijd te winnen en leerde het frituurvak vooral op de werkvloer.

Juist daarin zit voor de Nederlandse frituurbranche een mooi verhaal.

Professioneel frituren is een vak dat je voor een belangrijk deel in de praktijk leert. Werken met verschillende grondstoffen, kijken wat er tijdens het bakproces gebeurt, proeven, temperaturen en baktijden aanpassen en telkens opnieuw beoordelen hoe het eindresultaat beter kan.

Ervaring, nieuwsgierigheid en vooral passie voor het product spelen daarbij een belangrijke rol. Aan die passie ontbrak het bij de deelnemers in Arras duidelijk niet. Zij kwamen niet alleen om een wedstrijd te winnen, maar vooral ook om te laten zien wat er met vakkennis, aandacht en een goed product mogelijk is.

Dat iemand die het vak op de werkvloer heeft geleerd zich vervolgens tussen internationale deelnemers naar een tweede plaats bakt, onderstreept de waarde van praktijkkennis.

Brons voor Jacco Plomp

Ook Jacco Plomp van De Geschilde Aardappel uit Zwartsluis mocht het podium beklimmen. Hij eindigde als derde van twaalf gekwalificeerde deelnemers. Plomp houdt zich al jarenlang intensief bezig met het bakken van friet en blijft daarbij zoeken naar verbeteringen in aardappelkeuze, temperatuur en bereidingswijze.

Samen met Jojanneke Krabbe houdt hij binnen De Geschilde Aardappel bovendien een groot deel van het productieproces zelf in de hand. Aardappelen worden in de omgeving ingekocht en vervolgens zelf geschild, gesneden en gebakken.

Ook dat is vakmanschap: begrijpen wat er met een aardappel gebeurt vanaf het moment dat deze binnenkomt totdat er uiteindelijk goudgele friet uit de frituurpan komt.

Niet alleen de friet, ook de aardappel in de prijzen

Dapp kreeg in Arras nog een bijzondere onderscheiding. Oprichter Siem van Bruggen won de Prix Clusius met de biologische Sevilla-aardappel. Deze prijs richt zich specifiek op de grondstof en de onderbouwing van de gemaakte aardappelkeuze. Volgens Dapp kende ieder jurylid daarvoor de maximale score toe.

De Sevilla is voor Dapp bovendien niet uitsluitend een wedstrijdaardappel. Het bedrijf stapte dit seizoen over van Agria naar Sevilla en koopt daarvan ongeveer dertig ton in voor de eigen frietproductie.

Dat juist de aardappel tijdens een wereldkampioenschap afzonderlijk aandacht krijgt, past bij wat professionele frietbakkers al lang weten: goede friet begint bij de grondstof. Ras, teelt, bewaring en verwerking hebben allemaal invloed op wat uiteindelijk uit de frituurpan komt.

Zeven stappen naar Meesterfrituurder

De Nederlandse prestaties in Arras passen ook bij een ambitie die ProFri al langer heeft voor verdere erkenning van het frituurvak.

Ervaring, nieuwsgierigheid en passie voor het product én voor frituren als bereidingswijze van eten vormen belangrijke bouwstenen voor vakmanschap. Friet is daarvan misschien het bekendste voorbeeld, maar het professionele frituurvak is uiteraard breder.

ProFri heeft daarom op papier al een traject uitgewerkt van zeven stappen naar de titel Meesterfrituurder. Een ambitie die nog moet worden gerealiseerd, maar die uiteindelijk moet bijdragen aan verdere ontwikkeling, erkenning en waardering van het vak.

Een titel alleen maakt iemand vanzelfsprekend nog geen vakman. Daar gaan jaren van leren, doen, proeven, fouten maken, verbeteren en kennis delen aan vooraf. Precies die gedrevenheid was ook tijdens het WK in Arras zichtbaar.

Goed voor het hele frituurvak

Dapp Frietwinkel en De Geschilde Aardappel zijn momenteel niet aangesloten bij ProFri. Dat neemt niet weg dat hun prestaties van waarde zijn voor de beeldvorming rond de hele Nederlandse frituurbranche.

Wanneer Nederlandse frietbakkers zich internationaal meten met vakgenoten en daarbij twee podiumplaatsen behalen, verdient dat aandacht. Het laat zien hoeveel kennis, ondernemerschap en passie voor het product er in ons land aanwezig zijn.

En misschien is dat uiteindelijk wel belangrijker dan de medailles zelf. Goed frituren lijkt voor de buitenwereld soms eenvoudig. Wie zich er werkelijk in verdiept, weet hoeveel kennis en ervaring nodig zijn om iedere keer opnieuw een goed product te bakken.

Frituren is een bereidingswijze. Goed frituren is vakmanschap. De Nederlandse deelnemers hebben dat in Arras opnieuw laten zien.

 

Onze officiële partners