De openbare verhoren van de parlementaire enquête naar het coronabeleid werpen een steeds duidelijker licht op de manier waarop de besluitvorming tijdens de coronacrisis tot stand kwam.

Het verhoor van oud-voorzitter Robèr Willemsen van Koninklijke Horeca Nederland (KHN) bevestigt veel van wat horecaondernemers destijds hebben ervaren: een sector die zwaar werd geraakt, beperkte invloed had op de besluitvorming en vaak vergeefs om onderbouwing van maatregelen vroeg. Voor ProFri is dat een herkenbaar beeld.

Rober Willemsen van KHN en Horeca Alliantie tijdens corona.pngRobèr Willemsen verdient waardering voor zijn inzet tijdens de coronacrisis

Gezamenlijk opgekomen voor de horeca

Tijdens de coronacrisis trok de Horeca Alliantie – waarin ProFri samenwerkte met andere brancheorganisaties – regelmatig op met KHN, politiek en kabinet. Er werd onder meer overleg gevoerd met toenmalig minister Ferd Grapperhaus en staatssecretaris Mona Keijzer. Daarnaast stond de Horeca Alliantie met honderden bezorgde horecaondernemer op het Malieveld bood. De Alliantie bood die dag aan staatssecretaris Mona Keizer de petitie 'Geen dreun, maar steun' aan.

Waar de publieke aandacht vaak uitging naar de discussie over heropeningen, legde de Horeca Alliantie juist de nadruk op voldoende en eerlijke steun voor ondernemers. Want zolang de drie bewindspersonen die het coronabeleid bepaalden vasthielden aan hun koers, bleek de ruimte om met alternatieven te komen bijzonder klein.

De verhoren van de parlementaire enquête bevestigen dat beeld. Meerdere getuigen schetsen een besluitvorming waarbij het voor brancheorganisaties moeilijk was om daadwerkelijk invloed uit te oefenen.

Waardering voor Robèr Willemsen

Ondanks verschillen in strategie verdient Robèr Willemsen volgens ProFri veel waardering voor zijn inzet in die periode.

Hoewel de Horeca Alliantie en KHN niet altijd gezamenlijk optrokken, lag dat zeker niet aan Willemsen persoonlijk. De samenwerking tussen KHN en de Horeca Alliantie bleef ingewikkeld door een geschiedenis die al jaren vóór corona begon. Nadat KHN destijds besloot afscheid te nemen van de sectorindeling en over te stappen naar de indeling eten, drinken en slapen, konden verschillende sectorbesturen zich daarin niet vinden. Zij kozen ervoor hun belangen op een andere manier te organiseren. Drie nieuwe verenigingen ontstonden, die later besloten om samen te werken, waaruit toen de Horeca Alliantie is voortgekomen.

Dat verleden maakte structurele samenwerking lastig, ook al stonden beide organisaties uiteindelijk voor dezelfde ondernemers.

Tijdens de coronacrisis organiseerde KHN op een bepaald moment een eigen landelijke actie, terwijl de Horeca Alliantie diezelfde dag op het Malieveld aandacht vroeg voor extra steunmaatregelen. Verschillende routes, maar met hetzelfde doel: ondernemers zo goed mogelijk door een ongekende crisis loodsen.

Een gedeelde ervaring

Opvallend is hoeveel uitspraken van Willemsen tijdens zijn verhoor overeenkomen met de ervaringen van veel andere brancheorganisaties. Hij sprak over het gebrek aan onderbouwing van maatregelen, het gevoel dat belangrijke besluiten door een zeer beperkte groep bewindspersonen werden genomen en de blijvende financiële gevolgen voor tienduizenden MKB-ondernemers.

Ook zijn constatering dat de horeca uiteindelijk een groot deel van de rekening van de coronacrisis heeft betaald, zal voor veel ondernemers herkenbaar zijn.

Lessen voor de toekomst

De parlementaire enquête is niet bedoeld om achteraf winnaars of verliezers aan te wijzen, maar om lessen te trekken voor toekomstige crises.

Juist daarom zijn de ervaringen van brancheorganisaties zoals KHN en de Horeca Alliantie van grote waarde. Ondernemers moeten bij ingrijpende besluiten eerder worden betrokken, maatregelen moeten beter worden onderbouwd en afspraken over compensatie moeten transparant en eerlijk zijn.

ProFri spreekt daarom haar waardering uit voor de manier waarop Robèr Willemsen zich in een uitzonderlijk moeilijke periode heeft ingezet voor de horeca. Niet alles kon worden bereikt, maar zijn inzet, vasthoudendheid en bereidheid om steeds opnieuw het gesprek met politiek en kabinet aan te gaan verdienen respect.

De verhoren laten zien hoe complex de coronacrisis was. Tegelijkertijd onderstrepen zij dat een sterke, onafhankelijke belangenbehartiging onmisbaar blijft voor ondernemers in de frituurbranche en de horeca als geheel.

 

Onze officiële partners