De wereldwijde frietmarkt groeit, maar tegelijkertijd wordt op steeds meer plaatsen fors geïnvesteerd in extra productiecapaciteit. Fabrikanten in Nederland, België en Frankrijk breiden uit, terwijl landen als China en India snel opkomen als producent en exporteur.

De vraag is daarom niet óf er meer friet wordt geproduceerd, maar of de wereldwijde vraag snel genoeg meegroeit.
China heeft zijn export van verwerkte friet in ongeveer vijf jaar vertienvoudigd: van circa 43.000 ton naar bijna 430.000 ton. India exporteert inmiddels ongeveer 290.000 ton en verdubbelde zijn uitvoer in één jaar. Dat zijn forse groeicijfers in een wereldmarkt waarvan de totale export afgelopen jaar met slechts 2,3 procent toenam.
Meer concurrentie op groeimarkten
China verkoopt zijn friet vooral in Aziatische landen als de Filippijnen, Japan, Thailand, Indonesië en Maleisië. Juist daar zien ook Europese fabrikanten belangrijke groeimogelijkheden.
De concurrentie neemt daarmee toe. Niet alleen doordat er meer productiecapaciteit bijkomt, maar ook doordat steeds meer friet dichter bij de afzetmarkt wordt geproduceerd. Europese ondernemingen investeren daar zelf eveneens in. Aviko is bijvoorbeeld al jaren actief in China en heeft daar zijn productiecapaciteit uitgebreid.
Tegelijkertijd komen ook in Europa nieuwe fabrieken en productielijnen bij.
Waarom volgt ProFri dit?
Voor de Nederlandse frituurondernemer lijkt deze ontwikkeling misschien ver weg. Toch kan een veranderend evenwicht op de wereldmarkt uiteindelijk invloed hebben op de concurrentie tussen fabrikanten, de prijsstelling van leveranciers en daarmee op de inkoopprijs van friet.
Dat betekent niet dat er een crisis aankomt. Meer productiecapaciteit kan op korte termijn juist zorgen voor scherpere concurrentie en prijsdruk.
Een lage aardappelprijs betekent bovendien niet automatisch dat een doos friet evenredig goedkoper wordt. Ook energie, personeel, verpakking, opslag, transport en investeringen bepalen de uiteindelijke kostprijs.
Voor ProFri is vooral de ontwikkeling op langere termijn relevant. Als de wereldwijde productiecapaciteit sneller blijft groeien dan de vraag, kan dat de verhoudingen binnen de aardappel- en frietketen veranderen.
Daarom volgen we deze markt. Niet om vooruit te lopen op prijsontwikkelingen, maar om leden beter te kunnen duiden welke factoren uiteindelijk invloed kunnen hebben op hun inkoop.
Want wat vandaag gebeurt bij een fabriek in China, India, België of Frankrijk, kan morgen mede bepalen wat jij voor een doos friet betaalt.
Afbeelding gegenereerd met behulp van ChatGPT
