Follow the Money (FTM) heeft opnieuw een omvangrijke fraudezaak rond gebruikt frituurvet en biodiesel aan het licht gebracht. Dit keer draait het om vetinzamelaar Gerbuvet uit Ermelo. Het bedrijf is onderwerp van een strafrechtelijk onderzoek en wordt ervan verdacht goedkopere vetten bewust als gebruikt frituurvet te hebben verkocht, waardoor deze duurzamer leken dan zij in werkelijkheid waren.

Het Openbaar Ministerie doet nog onderzoek. Over de uitkomst daarvan is op dit moment niets bekend en van een rechterlijke veroordeling is nog geen sprake.
Geen op zichzelf staande zaak
De nieuwe verdenkingen staan niet op zichzelf. Follow the Money publiceert al jaren over fraude en misstanden in de biodieselketen. Eerder werd de zogenoemde 'Veluwse vetkoning' Cees Bunschoten veroordeeld voor grootschalige fraude en witwassen. Ook andere biodieselbedrijven kwamen de afgelopen jaren in opspraak of verloren hun duurzaamheidscertificering.
Frituurwereld besteedde eerder eveneens aandacht aan de sector, onder meer naar aanleiding van een miljoenenschikking die de Belastingdienst trof met twee grote verwerkers van gebruikt frituurvet.
Dat meerdere zaken elkaar in relatief korte tijd opvolgen, roept de vraag op of sprake is van incidenten of van structurele kwetsbaarheden binnen de keten.
Financiële prikkels maken fraude aantrekkelijk
Gebruikt frituurvet is een belangrijke grondstof voor de productie van biodiesel. Binnen de Europese duurzaamheidsregels vertegenwoordigt gebruikt frituurvet een hogere waarde dan verschillende andere vetstromen. Daardoor ontstaat een financieel voordeel wanneer vetten ten onrechte als gebruikt frituurvet worden geregistreerd.
Volgens Follow the Money zou Gerbuvet ervan worden verdacht goedkopere vetten te hebben gemengd met gebruikte frituurolie en dit vervolgens als zuivere gebruikte frituurolie te hebben verkocht. Als die verdenkingen juist blijken, gaat het om fraude waarbij niet alleen financiële belangen spelen, maar ook het vertrouwen in het duurzaamheidsbeleid wordt aangetast.
Eerdere waarschuwing van Follow the Money
Opvallend is dat Follow the Money al in 2021 concludeerde dat juist de complexe regelgeving rond biodiesel fraude in de hand werkt. Door de combinatie van duurzaamheidscertificaten, administratieve registraties, dubbeltellingsregelingen en financiële stimuleringsmaatregelen ontstaan grote prijsverschillen tussen verschillende soorten vetten.
Omdat veel van deze verschillen administratief worden vastgelegd en de vetten na verwerking nauwelijks meer van elkaar zijn te onderscheiden, is een sluitende administratie essentieel. Wanneer daarin wordt gefraudeerd, is dat moeilijk te constateren.
De recente verdenkingen lijken de eerdere analyse van Follow the Money opnieuw te bevestigen: hoe ingewikkelder het systeem, hoe groter de verleiding om ermee te sjoemelen.
Frituurzaken staan buiten deze fraude
Voor cafetaria's, snackbars en andere horecabedrijven is gebruikt frituurvet simpelweg een restproduct dat periodiek wordt opgehaald door een erkende inzamelaar. De mogelijke fraude waarover Follow the Money bericht, speelt zich niet af in de frituurzaak zelf, maar verderop in de keten waar vetten worden ingezameld, verhandeld, gecertificeerd en verwerkt tot biodiesel.
Toch kunnen termen als frituurvetfraude of frituurvetschandaal onbedoeld een verkeerd beeld oproepen. Voor veel consumenten is niet direct duidelijk dat de verdenkingen betrekking hebben op de handels- en verwerkingsketen en niet op de ondernemers die hun gebruikte frituurvet volgens de regels afvoeren. Daarmee bestaat het risico dat negatieve publiciteit indirect ook afstraalt op de frituurbranche, terwijl deze juist een belangrijke bijdrage levert aan het inzamelen van een waardevolle circulaire grondstof.
Tijd voor een robuuster systeem
De terugkerende fraudezaken laten zien dat de handel in gebruikte vetten kwetsbaar blijft voor misbruik. Dat vraagt om een systeem waarin grondstoffen beter traceerbaar zijn, controles effectief plaatsvinden en fraudeurs daadwerkelijk worden aangepakt.
Tegelijkertijd is het belangrijk dat de aandacht zich richt op de schakels waar de risico's daadwerkelijk ontstaan. Goedwillende frituurondernemers mogen niet worden geconfronteerd met extra administratieve lasten of reputatieschade als gevolg van fraude verderop in de keten. Een transparante en betrouwbare handelsketen is uiteindelijk in het belang van alle partijen: van de ondernemer die zijn gebruikte frituurvet verantwoord laat ophalen tot de producent van duurzame biobrandstoffen en de consument die mag vertrouwen op eerlijke duurzaamheid.
Afbeelding gemaakt met behulp van ChatGPT
Bron: gebaseerd op recente onderzoeksjournalistiek van Follow the Money, waaronder de artikelen "Verdachte in nieuw frituurvetschandaal blijkt neef van 'Veluwse vetkoning'" en "Complexe regels lokken fraude met biodiesel uit". Tegen de verdachten geldt de onschuldpresumptie totdat een rechter anders oordeelt.
