Op zaterdag 5 september vindt opnieuw de Nationale Aardappelrooidag plaats. Een sympathiek initiatief dat consumenten letterlijk het aardappelveld op brengt en laat zien waar een belangrijk deel van ons voedsel vandaan komt. Toch ziet ProFri mogelijkheden om vanaf 2027 een volgende stap te zetten. Want waarom zouden we het verhaal laten stoppen bij het rooien van de aardappel, terwijl juist ons frietje die aardappel bij miljoenen consumenten op het bord brengt?

profri week van de friet aardappelrooidag originele logos

Tijdens de Nationale Aardappelrooidag openen dit jaar negen locaties verspreid over Nederland hun deuren. Bezoekers kunnen zelf aardappelen rooien, kennismaken met telers en meer ontdekken over teelt, vakmanschap en innovatie. De dag wordt georganiseerd door de Nederlandse Aardappel Organisatie (NAO) en maakt deel uit van de campagne Power to the Pieper.

Daar is op zichzelf niets mis mee. Integendeel. De Nederlandse aardappel verdient aandacht en waardering.

Maar bij ProFri roept het tegelijkertijd een andere vraag op: kunnen we het verhaal van de aardappel niet veel verder doortrekken?

Van aardappelveld tot frietje

De Aardappelrooidag heeft historische raakvlakken met de Week van de Friet, die jarenlang vanuit het Nederlands Frituurcentrum werd georganiseerd. Ook daarin werd geprobeerd consumenten mee te nemen in het verhaal achter friet: de aardappel, de verwerking en uiteindelijk het vakmanschap van degene die er een goed frietje van maakt.

Dat complete ketenverhaal blijft relevant.

De Nederlandse aardappelverwerkende industrie behoort tot de wereldtop. De zes bedrijven die bij brancheorganisatie VAVI zijn aangesloten produceren aardappelproducten voor binnen- en buitenland. VAVI zelf schrijft niet voor niets dat Nederland, aardappelen en bekende producten als friet sterk met elkaar verbonden zijn.

Aan het einde van die keten staan onder andere de duizenden cafetaria’s, snackbars en andere frituurspeciaalzaken. Daar wordt het product rechtstreeks aan de consument aangeboden.

Van teler naar verwerker en van frituurprofessional naar consument: juist die verbinding biedt mogelijkheden.

Niet de Aardappelrooidag afserveren

Het zou te gemakkelijk zijn om te concluderen dat de Aardappelrooidag, met dit jaar negen deelnemende locaties, niet geslaagd is.

Dat is ook nadrukkelijk niet de boodschap van ProFri.

Wie consumenten zelf aardappelen laat rooien en kennis laat maken met de mensen achter het product, doet iets waardevols. Maar misschien kan wat in de afgelopen jaren is opgebouwd vanaf 2027 onderdeel worden van iets groters.

De VAVI ondersteunt de Aardappelrooidag inmiddels voor het derde jaar financieel. Juist nu die driejarige periode afloopt, lijkt het ProFri een goed moment om met elkaar terug te kijken én vooruit te kijken.

Wat heeft de campagne gebracht? Wat willen de betrokken partijen de komende jaren bereiken? En kan de professionele frituurbranche daarbij een veel grotere rol spelen?

Eerdere Week van de Friet leerde ons ook iets

ProFri begint daarbij niet met een blanco vel.

In het verleden werd eerst via ProFri en daarna vanuit het Nederlands Frituurcentrum de Week van de Friet georganiseerd. Vier grote aardappelverwerkers ondersteunden die campagne destijds ieder met ongeveer 5.000 euro.

Die steun was welkom, maar voor een serieuze landelijke consumentencampagne was het gezamenlijke budget beperkt. Organisatiekosten en financieel risico lagen uiteindelijk voor een belangrijk deel bij ProFri. Op de campagne is verlies geleden. Dat verlies is uiteindelijk binnen het Frituurcentrum opgevangen en daarmee feitelijk door initiatiefnemer Frans van Rooij gedragen.

Dat model willen en kunnen we niet opnieuw hanteren.

Het Nederlands Frituurcentrum is inmiddels nagenoeg ontmanteld. Een deel van de activiteiten is overgenomen door VHC en ondergebracht in de aparte vennootschap Frituurwereld BV; andere activiteiten zijn ondergebracht bij ProFri. Ook de domeinnaam weekvandefriet.nl is bij de overdracht naar Frituurwereld gegaan.

Dat betekent echter niet dat daarmee ook het idee achter een gezamenlijke campagne verdwenen hoeft te zijn.

ProFri wil bijdragen, maar niet opnieuw financieren

Als er vanaf 2027 draagvlak bestaat voor een nieuwe gezamenlijke campagne, wil ProFri daar graag een actieve bijdrage aan leveren.

We beschikken over kennis van de frituurbranche, contacten met ondernemers en andere partijen in de keten en, misschien nog belangrijker, over de verbinding met de plekken waar de consument daadwerkelijk zijn frietje koopt.

Stel je eens voor dat naast een aantal aardappelvelden ook honderden frituurzaken onderdeel worden van dezelfde campagne. Dat telers vertellen over de juiste aardappel, verwerkers laten zien wat nodig is om daarvan een goed product te maken en frituurprofessionals het verhaal afmaken bij de consument.

Dan ontstaat een campagne die werkelijk van aardappelveld tot frietje loopt.

De bijdrage van ProFri zal daarbij vooral bestaan uit kennis, netwerk, communicatie en het activeren van de frituurbranche. Financieel bijdragen of opnieuw het financiële risico van een landelijke campagne dragen, past niet bij de rol en mogelijkheden van de vereniging.

Een dergelijke campagne kan alleen slagen als partijen uit de keten gezamenlijk verantwoordelijkheid nemen voor ambitie, organisatie én financiering.

Eerst draagvlak bij onze leden

Er ligt nog geen uitgewerkt campagneplan en ProFri pleit evenmin voor het simpelweg terughalen van de oude Week van de Friet.

Tijdens de komende Algemene Ledenvergadering op 14 september willen we eerst met onze leden bespreken of er draagvlak bestaat om vanuit ProFri mee te werken aan een gezamenlijke campagneweek rond de Nederlandse aardappel en ons frietje. Niet als financieel risicodrager, maar vanuit onze kennis, ons netwerk en de verbinding met de professionele frituurbranche.

Als onze leden die richting ondersteunen, ligt een gesprek tussen ProFri en VAVI voor de hand. ProFri heeft hierover in het verleden al gesproken met voormalig VAVI-directeur Andries Middag, maar dat heeft destijds niet tot een concreet vervolg geleid.

Met een nieuwe directeur bij zowel VAVI als ProFri en het aflopen van de driejarige ondersteuning van de Aardappelrooidag ontstaat een natuurlijk moment om het gesprek opnieuw te voeren. Bij voldoende enthousiasme kunnen vervolgens ook de NAO en VHC worden betrokken en kan gezamenlijk worden gekeken naar de mogelijkheden voor 2027 en daarna.

Niet beginnen met de naam van een campagne. Niet beginnen met de vraag wie welk logo bovenaan mag zetten. En ook niet meteen beginnen over sponsorbedragen.

Eerst de belangrijkste vraag, zowel aan onze eigen leden als straks aan de andere partijen in de keten:

Kunnen we samen het verhaal van de Nederlandse aardappel én ons frietje sterker vertellen dan ieder voor zich?

ProFri denkt dat daar kansen liggen. Of onze leden dat ook zo zien, bespreken we op 14 september.

 

Onze officiële partners