McCain, partner van ProFri, heeft eind mei het eerste Aardappel Rapport uitgebracht. Daarin verzamelde het bedrijf op luchtige wijze wetenswaardigheden over de rol van aardappelen en friet in verschillende landen. Het rapport laat vooral zien hoe universeel friet is, maar ook hoe persoonlijk consumenten ermee omgaan.

Voor het rapport werkte McCain samen met Pollara Strategic Insights. In totaal werden ruim 12.000 volwassenen in 11 landen online bevraagd. Per land vulden minimaal 1.000 mensen de enquête in; in Canada waren dat er ruim 2.000. Ook Nederland maakte deel uit van het onderzoek.
Friet als favoriet aardappelgerecht
Een opvallende uitkomst is dat friet in alle onderzochte landen als populairste aardappelgerecht naar voren kwam. In Nederland koos 41% van de ondervraagden friet als favoriet aardappelgerecht. Daarmee eindigde friet boven andere aardappelbereidingen, zoals gebakken aardappelen en aardappelchips.
Voor professionele frituurders is dat natuurlijk geen verrassing, maar het rapport onderstreept wel hoe sterk friet in het dagelijks eetpatroon en in de beleving van consumenten is verankerd. Friet is voor veel mensen meer dan een bijgerecht. Het staat voor gemak, plezier, herkenning en een moment van genieten.
Comfortfood met emotie
Volgens het rapport zegt 78% van alle ondervraagden dat friet hun stemming direct zou verbeteren. Ook geeft 55% aan dat friet hen blij maakt en 46% dat friet een ontspannen gevoel geeft. McCain noemt friet daarom nadrukkelijk een vorm van comfortfood.
Ook de sociale kant komt naar voren. Friet wordt gedeeld, gestolen van elkaars bord, gegeten tijdens dates, gecombineerd met allerlei sauzen en soms zelfs op verrassende momenten van de dag gegeten. In Nederland zegt 34% van de ondervraagden friet ook bij het ontbijt te kunnen eten. Dat cijfer is vooral opvallend omdat friet in Nederland traditioneel veel sterker met lunch, diner of snackmomenten wordt verbonden.
Luchtige cijfers, serieuze herkenning
Het rapport is nadrukkelijk geen zwaar wetenschappelijk marktonderzoek. McCain vermeldt zelf dat aan online enquêtes geen foutmarge kan worden toegekend. Wel zijn de resultaten gewogen naar onder meer geslacht, leeftijd en regio, zodat ze een beeld geven van de volwassen bevolking per land. Het onderzoek is uitgevoerd volgens de normen van de Canadian Research Insights Council.
Juist door die combinatie is het rapport interessant: niet als harde voorspelling voor consumentengedrag, maar wel als herkenbare momentopname van hoe consumenten wereldwijd naar aardappelen en friet kijken.
Relevant voor de frituurpraktijk
Voor ProFri is vooral de onderliggende boodschap relevant. Friet blijft een product met grote emotionele en culturele waarde. Consumenten koppelen friet aan genieten, samen eten, ontspanning en vertrouwde momenten. Dat sluit aan bij wat frituurondernemers dagelijks in hun zaak zien.
Tegelijk laat het rapport zien dat frietcultuur per land verschilt. Waar de één friet vooral als bijgerecht ziet, ziet de ander het als snack, maaltijdonderdeel of zelfs als ontbijtproduct. Ook dipgewoontes, deelgedrag en voorkeuren voor frietstijlen verschillen sterk.
Voor ondernemers in de frituurbranche bevestigt dit hoe belangrijk het is om de eigen gast goed te kennen. Friet is overal herkenbaar, maar de manier waarop mensen friet beleven, bestellen en combineren, blijft in beweging.
Partner in beeld
McCain is als partner verbonden aan ProFri en levert met dit rapport een toegankelijke bijdrage aan de bredere kennis over aardappel- en frietbeleving. Voor de sector is het goed om dit soort inzichten te blijven volgen. Niet omdat elk percentage direct tot een andere menukaart hoeft te leiden, maar omdat het helpt om beter te begrijpen waarom friet al generaties lang zo’n sterke plek heeft in de eetcultuur.
Of zoals het rapport in feite laat zien: friet is eenvoudig, maar de betekenis ervan is groter dan het product alleen.
