De onderhandelingen over een nieuwe horeca-cao zijn gestart. De huidige cao loopt op 31 december 2026 af. Medewerkers moeten van hun werk kunnen leven, terwijl veel ondernemers nauwelijks ruimte hebben voor verdere loonkostenstijgingen. Het loongebouw piept en kraakt. Een nieuwe cao moet voor beide partijen houdbaar zijn.

Wat ligt er op tafel
Op 19 oktober hebben KHN, De Horecabond en CNV hun voorstellen toegelicht. De Horecabond wil loonontwikkeling die ervaring beloont, meer invloed op de balans tussen werk en privé en betere compensatie voor nachtwerk en feestdagen. Ook werknemersbescherming, studenten en de positie van de vakbond krijgen aandacht.
De Horecabond noemt in het gepubliceerde overzicht geen loonpercentage. CNV heeft eveneens voorstellen ingebracht, maar de openbare update bevat geen inhoudelijke opsomming. De concrete looneisen zijn daardoor op basis van deze berichten nog niet volledig te vergelijken.
Minimumloon heeft de onderkant ingehaald
ProFri waarschuwde eerder voor de scheefgroei in het loongebouw. Sinds 1 juli 2026 bedraagt het basisuurloon voor vakkrachten vanaf 20 jaar in functiegroepen I tot en met IV telkens €14,99 bruto. Dat is gelijk aan het wettelijke minimumuurloon vanaf 21 jaar. Groep V begint slechts 22 cent hoger, op €15,21.
Binnen de schalen bestaan nog verschillen, maar tussen de basislonen van de eerste vier functiegroepen niet meer. Hoe blijven extra verantwoordelijkheid en vakmanschap herkenbaar beloond? Ervaren medewerkers moeten perspectief houden om voor het vak behouden te blijven.
Ook de ondernemer moet kunnen rondkomen
Werknemers moeten hun vaste lasten kunnen betalen, zeker wanneer zij een huishouden onderhouden. Goede werkgevers begrijpen dat. Tegelijkertijd hebben veel cafetaria’s en snackbars weinig financiële ruimte. Hogere personeelskosten komen boven op inkoop, energie en huisvesting. Ook vakantiegeld, werkgeverspremies en pensioenbijdragen tellen mee.
Meer omzet betekent bovendien niet automatisch meer rendement. Prijsverhogingen kunnen nodig zijn om kostenstijgingen op te vangen, maar ook de klant moet het kunnen blijven betalen. In de ledenpeiling van KHN vragen ondernemers nadrukkelijk aandacht voor betaalbaarheid en zien zij weinig ruimte voor extra collectieve toeslagen en ruimere regelingen.
Beoordeel de hele rekening
Voor ProFri vraagt dit om meer dan één loonpercentage. Cao-partijen moeten het loongebouw opnieuw bekijken én inzichtelijk maken wat alle afspraken samen een werkgever kosten. Daarbij verdient de zelfstandige frituurzaak met een klein team nadrukkelijk aandacht. Medewerkers hebben daarnaast behoefte aan duidelijkheid over hun inkomen en rooster.
Als personeelskosten de draagkracht overstijgen, kunnen ondernemers zich gedwongen zien minder personeel in te zetten, openingstijden te beperken of zelf meer te werken. Dat vergroot ook de druk op het team.
Een houdbare cao beloont vakmanschap en past bij wat bedrijven kunnen opbrengen. Ook de ondernemer moet een inkomen overhouden. De volgende onderhandelingsronde staat gepland voor 12 november.
Afbeelding ter illustratie met behulp van ChatGPT gegeneerd
