De gevolgen van verouderde wegen en bruggen zijn tot achter de toonbank voelbaar. Dat blijkt uit het verhaal van snackbarhouders Gerard en Rachel, die door de beperking voor zwaar verkeer op de Houtribdijk klanten zien verdwijnen. Voor ProFri onderstreept hun situatie het belang van bereikbaarheid, passende compensatie en gezamenlijke belangenbehartiging.
Foto: Houtribbrug (Rijkswaterstaat)
Het Noordhollands Dagblad beschrijft hoe het ondernemersechtpaar de gevolgen al kort na de invoering merkt. Vrachtwagenchauffeurs vormen een belangrijke klantengroep: volgens de ondernemers zijn zij goed voor 40 procent van de omzet. Het wegvallen van zulke klanten kan hard aankomen bij een kleine onderneming.
Sinds 21 oktober gelden op de Houtribdijk tussen Enkhuizen en Lelystad een aslast- en gewichtsbeperking vanwege beschadigingen aan de Houtribbruggen. Zwaar verkeer moet omrijden. Rijkswaterstaat waarschuwt dat de beperking jaren kan duren.
Een omleiding kan klanten kosten
Het verhaal van Gerard en Rachel legt de vinger op de zere plek. Achter een verkeersmaatregel gaan ook ondernemers schuil die hun klantenkring hebben opgebouwd langs een vaste route. Als die verkeersstroom verandert, lopen de vaste lasten door terwijl inkomsten wegvallen.
Veiligheid staat voorop en onderhoud is noodzakelijk. Tegelijkertijd verdienen de gevolgen voor omliggende bedrijven serieuze aandacht. Ook een snackbar die gewoon open en bereikbaar blijft, kan worden geraakt doordat vaste klanten een andere route moeten nemen.
Compensatie moet ook in de praktijk werken
Rijkswaterstaat verwijst bij de maatregelen op de Houtribdijk naar de regeling voor nadeelcompensatie. Die biedt onder voorwaarden een mogelijkheid tot vergoeding. Een omzetdaling geeft echter niet automatisch recht op compensatie. Onder meer het normale ondernemersrisico, de voorzienbaarheid van de schade en de mate waarin een bedrijf onevenredig wordt getroffen, spelen mee. Of Gerard en Rachel in aanmerking komen, staat daarmee nog niet vast.
ProFri hoopt dat zij passende compensatie kunnen krijgen. Daarvoor is een zorgvuldige beoordeling nodig, met oog voor de concrete bedrijfssituatie en ruimte voor maatwerk waar de regels dat toelaten. Wanneer de toepassing te star is of de procedure te ingewikkeld, kan de hoop op ondersteuning uitlopen op een teleurstelling.
Kleine bedrijven hebben minder ruimte
Grote mkb-bedrijven kunnen vaak gemakkelijker deskundigheid inschakelen om schade te onderbouwen en hun belangen te verdedigen. Voor een klein ondernemersechtpaar komt dat werk boven op het dagelijkse draaien van de zaak. Tijd, geld en kennis om een langdurig traject te doorlopen zijn niet vanzelfsprekend beschikbaar.
Juist daarom moet een compensatieregeling ook voor kleine bedrijven begrijpelijk en toegankelijk zijn. De mogelijkheid om hulp te krijgen mag niet afhankelijk worden van de vraag hoeveel adviseurs een ondernemer kan betalen.
Aandachtspunt in gesprekken met ONL
Dit vraagstuk zal vaker spelen. Rijkswaterstaat staat voor een omvangrijke onderhouds- en vernieuwingsopgave en waarschuwt voor hinder en beperkingen in de komende jaren. Voor ProFri is dat aanleiding om de positie van kleine ondernemers mee te nemen in de gesprekken met ONL.
Daarbij gaat het om tijdige betrokkenheid bij verkeersmaatregelen, het beperken van schade en een werkbare toegang tot compensatie. Door ervaringen van ondernemers te bundelen, kunnen ProFri en ONL knelpunten bij overheid en politiek onder de aandacht brengen. Het verhaal van Gerard en Rachel laat zien waarom het belangrijk is dat kleine ondernemers zich organiseren en samen hun stem laten horen.
