ProFri heeft deze week gesproken met twee Haarlemse raadsleden over het voorgenomen weren van nieuwe snackbars en fastfoodzaken in Hart voor Oostpoort. Aan tafel zaten Jacqueline van den Broek van de Partij voor de Dieren en Joris Krouwels van D66. Een vertegenwoordiger van de Pro-fractie (PvdA/GroenLinks) kon niet bij het gesprek aanwezig zijn.
ProFri-directeur Sven Flapper in gesprek met Haarlemse raadsleden over het voorgenomen weren van fastfoodzaken in Hart voor Oostpoort.
Het gesprek volgde op eerdere berichtgeving over het aangenomen amendement waarin het college wordt verzocht om bij de verdere uitwerking van de plannen regels op te nemen waarmee de vestiging van fastfoodzaken wordt voorkomen. ProFri stuurde hierover eerder een brief aan het college van burgemeester en wethouders en de gemeenteraad van Haarlem.
College erkent noodzaak van onderbouwing
In reactie op die brief bevestigde de gemeente Haarlem dat het amendement is aangenomen, maar ook dat de juridische uitwerking nog moet volgen. Het college gaf daarbij aan dat voor het uitsluiten van een complete ondernemerscategorie een deugdelijke onderbouwing noodzakelijk is.
Dat is voor ProFri een belangrijk punt. De vereniging heeft vanaf het begin benadrukt dat algemene gezondheidsargumenten onvoldoende zijn om een hele sector op voorhand buiten een nieuwe wijk te houden. De gemeente onderzoekt de komende periode de mogelijkheden en eventuele alternatieven. De formele planologische procedure wordt niet eerder dan in 2028 verwacht.
ProFri heeft richting de gemeente aangegeven graag tijdig betrokken te willen worden bij de verdere uitwerking. Niet pas wanneer de formele inspraak start, maar ook eerder, bijvoorbeeld wanneer de tenderstrategie of stedenbouwkundige kaders worden besproken.
Manifest ingebracht
Tijdens het gesprek met de Haarlemse raadsleden heeft ProFri opnieuw toegelicht waarom een generieke uitsluiting van snackbars en fastfoodzaken kwetsbaar en onwenselijk is. Daarbij heeft ProFri ook haar manifest ingebracht als inhoudelijke onderbouwing.
In dat manifest wordt benadrukt dat snackbars, cafetaria’s en frituurzaken niet de oorzaak zijn van gezondheidsachterstand. Gezondheid wordt beïnvloed door een breed samenspel van factoren, waaronder leefstijl, inkomen, opleiding, beweging, sociale omstandigheden en het totale voedingspatroon. Het op voorhand uitsluiten van één ondernemerscategorie doet geen recht aan die complexiteit.
Gesprek met raadsleden
Jacqueline van den Broek gaf aan vast te houden aan haar zorgen. Zij wil voorkomen dat Hart voor Oostpoort een tweede Schalkwijk wordt, waar volgens haar sprake is van een overaanbod aan fastfoodformules en aanbieders van ongezond voedsel.
ProFri begrijpt de wens om zorgvuldig na te denken over de voorzieningen in een nieuwe wijk. Tegelijkertijd blijft de vereniging waarschuwen voor te brede labels. Niet iedere snackbar, cafetaria of fastserviceondernemer is hetzelfde. Ondernemers verschillen in aanbod, kwaliteit, uitstraling, bedrijfsvoering en betrokkenheid bij de wijk.
Bij Joris Krouwels leek na afloop van het gesprek meer ruimte te zijn ontstaan voor een bredere blik op de sector. ProFri ziet dat als waardevol. Juist in dit soort gesprekken kan duidelijk worden dat professionele frituurders niet op basis van beeldvorming mogen worden beoordeeld, maar op hun daadwerkelijke bijdrage aan de wijk.
Na afloop werd een foto gemaakt van Sven Flapper met beide raadsleden, waarbij ook het manifest zichtbaar werd overhandigd.
Geen tweede Schalkwijk, maar ook geen willekeur
Het argument dat Haarlem geen tweede Schalkwijk wil, verdient volgens ProFri een serieuze discussie. Een gemeente mag sturen op een evenwichtige mix van voorzieningen. Maar dat is iets anders dan het bij voorbaat weren van een complete categorie ondernemers.
Als er zorgen zijn over clustering, uitstraling, afval, openingstijden, verkeersaantrekkende werking of een eenzijdig voorzieningenaanbod, dan kunnen die onderwerpen gericht worden onderzocht. Daarvoor zijn ook minder ingrijpende instrumenten denkbaar dan een generiek verbod op fastfoodzaken.
Bovendien blijft de vraag waar de grens ligt. Wat valt onder fastfood? Alleen snackbars? Ook pizzeria’s, broodjeszaken, sushizaken, supermarkten met warme snacks, bezorgconcepten of restaurants met een afhaalbalie? Zonder duidelijke definitie dreigt willekeur.
Cafetaria’s horen bij de wijk
ProFri blijft benadrukken dat cafetaria’s, snackbars en andere fastservicebedrijven vaak juist onderdeel zijn van het lokale voorzieningenaanbod. Het zijn ondernemers, werkgevers en ontmoetingsplekken. Voor veel jongeren vormen zij een eerste bijbaan, dicht bij huis en laagdrempelig toegankelijk.
Veel professionele frituurondernemers investeren bovendien in vakmanschap, hygiëne, kwaliteit, verantwoorde bereiding en gastvrijheid. Zij verdienen het niet om op voorhand te worden weggezet als obstakel voor een gezonde wijk.
ProFri blijft het dossier Hart voor Oostpoort nauwlettend volgen. De vereniging zal de gemeente Haarlem blijven vragen om een zorgvuldige, objectieve en juridisch houdbare onderbouwing. Ook blijft ProFri beschikbaar voor overleg, zodat gezondheid, leefbaarheid en ondernemerschap niet tegenover elkaar worden gezet.
Speelt er iets in jouw gemeente?
Speelt er in jouw gemeente iets vergelijkbaars rond het weren van snackbars, frituurbedrijven of fastfoodzaken? Informeer dan meteen het secretariaat van ProFri. Hoe eerder zulke signalen bekend zijn, hoe beter de vereniging kan reageren.
